zondag 30 juni 2013

1754 maart 4 Frans Otto, voorjarig matroos

N.A. HOORN 2490 (Elbert Langewagen) 4-3-1754

Desen 4: maart A(nno) 1754 compareerden Voor mij Elbert Langewagen openb(aar) not(ari)s bij den Ed(ele) Hove van Hollant geadmitteert, binnen Hoorn residerende, ende de nabes(chrevene) getuygen

Tomas Horst en Adam Caldenbagh gewesene ruyters ten dienste deser landen, beyde wonagtig binnen dese stadt, van genoegsamen ouderdom om de getuygen en in desen vervat te geven dewelken ten versoeken van Maria Cornelia Herrel, weduwe van Ignatius Otto‚ ende hare drie kinderen Pieter Otto, Ignatius Otto, en Anna Maria Otto, in huwelijk verwekt bij de selve hare overledene man, alle mede binnen dese stadt wonagtig exceptio Ignatius Otto, die uytlandig is, hebben verklaart 't gunt volght:

dat sij dep(osanten) verscheydene jaren agter een anderen seer wel hebben gekent, de weduwe req(uirante) in desen beneffens hare familie en kinderen.
dat sij dep(osanten) vervolgens ook seer wel weeten dat enen Frans Otto, voorjarig matroos in dienst van de E(dele) oostind(ische) comp(agnie) ter camer alhier, met het schip Rijnhuyse 1741 uytgevaren en volgens berigt 1744 op Casperdam bekent geweest en sedert die tijd vermist geraakt, mede is geweest een soon van de weduwe regfi(uirante), en volle broeder van voors(chrevene) hare drie kinderen, dat de selve ten tijde dat hij uytvoer was jongman ongetrouwt, en in gevalle hij overleden mogt zijn, alhier te lande alsoo alsdan tot zijne eenige en algehele erfgenamen heeft nagelaten de weduwe req(uirante) sijn moeder, mitsg(aders) sijne twee broeders en suster bevoren gemelt, ingevolge het versterf regt van desen gebruykelijk.

waer mede de getuygen dese hare verklaring sluyten, gevende voor reden en van wetenschap hare omgang met de req(uiran)te en haer familie waar door zij wel weeten dat in cas van overlijden van Frans Otto voorn(oem)d geen andere of meerdere erfgenamen alhier te landen heeft, als diegene dew(elke) in desen zijn genoemt, te vreden zijnde dese (ist noot) nader te sterken aldus gedaan in't bij zijn van Joost Pieterse en Pieter Fonteyn burgers alhier als getuygen.

Thomas Horst
Adam Kaeldenbach

Joost Pieterse
Pieter Fonteyn
quod testor E(lbert) Langewagen not(ari)s






Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen